1. Augustinus: een korte levensschets

Augustinus bracht het grootste gedeelte van zijn leven (354-430)
door in Noord-Afrika, dat toen nog deel uitmaakte van het
Romeinse Rijk. Naar de gewoonte van zijn tijd trad hij pas als
volwassene toe tot de christelijke geloofsgemeenschap: in de
paasnacht van 387 werd hij in Milaan door bisschop Ambrosius
gedoopt. Vier jaar later werd hij tijdens een vriendschappelijk
bezoek aan de Noord-Afrikaanse havenstad Hippo Regius onder
druk van de plaatselijke geloofsgemeenschap tot priester
gewijd. Niet lang erna volgde hij daar de bejaarde bisschop
Valerius op. Ruim dertig jaar lang, tot aan zijn dood, gaf hij
leiding aan het pastoraat van deze gemeenschap in Hippo.

Augustinus heeft vele geschriften nagelaten. Allereerst zijn er
verhandelingen over allerlei onderwerpen uit het geloofsleven,
exegetische aantekeningen bij verschillende bijbelboeken en
richtlijnen voor catechetisch onderwijs; daarnaast zijn er grote
verzamelingen brieven en preken.
Voor zijn leefgemeenschap en voor die van anderen schrijft hij een
leefregel om het religieuze leven te versterken en te verdiepen.

Kort na Augustinus' dood nemen in Noord-Afrika de Vandalen
op gewelddadige wijze de macht van de Romeinen over. Hippo
wordt verwoest. Zijn volgelingen moeten vluchten. In de regio
blijft op den duur weinig over van de christelijke gemeenschappen.
De oorspronkelijke handschriften van Augustinus' werken
verdwijnen onder het stof, maar kopieën ervan blijven bewaard.
Die dragen er toe bij dat zijn ideeën en inzichten verspreid raken.
Al tijdens zijn leven genoot zijn werk ook belangstelling bij
mensen buiten Hippo. Hele werken of bepaalde delen ervan
werden overgeschreven en verzonden. Op die manier bleven

<<< vorige pagina - 3 -